Hielprik Screening

Authors: Rachel Salzman, Rinse Barendsen en Stephan Kemp

Introductie

Adrenoleukodystrofie (ALD) is een erfelijke metabole ziekte waarbij zeer-lange-keten vetzuren niet door het lichaam kunnen worden afgebroken. Ophoping van deze vetten kan leiden tot schade aan de hersenen, bijnieren en het ruggenmerg. De klachten en de ernst van deze klachten kunnen wisselen. Ongeveer de helft van de jongens met ALD krijgt voor het tiende levensjaar schade aan de bijnieren. Bij 1 op de 3 jongens met ALD ontstaat tussen het derde en tiende levensjaar een ernstige ontsteking in de hersenen (cerebrale ALD).
Kinderen die worden geboren met ALD hebben neurologisch geen afwijkingen bij de geboorte. Een vroege diagnose van jongens met ALD kan leiden tot levensreddende interventies.
Deze levensreddende interventies bestaan uit twee delen:

Een stamceltransplantatie kan de vaak fatale progressie van cerebrale ALD stoppen, mits de procedure in een zeer vroeg stadium van de ziekte wordt uitgevoerd. Helaas is er maar een krap therapeutisch venster waarin deze behandeling effectief is. Door het onvoorspelbare beloop van de ziekte wordt de diagnose ALD vaak te laat gesteld om nog te kunnen behandelen. Het screenen van pasgeboren op ALD door middel van de hielprik maakt een vroege diagnose van ALD mogelijk. Hierdoor wordt een tijdige behandeling mogelijk gemaakt.

In februari 2016 is in de Verenigde Staten ALD toegevoegd aan het “Recommended Uniform Screening Panel (RUSP)”. De RUSP is de federale lijst waarin alle genetische ziektes die worden aanbevolen voor neonatale hielprikscreening staan vermeld. De staat New York is op 30 december 2013 begonnen met de screening op ALD bij pasgeborenen. Sindsdien zijn ook andere staten gestart met de neonatale screening op ALD (Figuur 1). De verwachting is dat de overige staten later zullen volgen zodra hiervoor de financiële middelen, follow-up protocollen en logistiek beschikbaar zijn.

In Nederland heeft de minister van Volksgezondheid opdracht gegeven om een pilotstudie te verrichten naar het toevoegen van ALD aan de landelijke neonatale hielprikscreening. Deze pilot is op 1 oktober 2019 gestart en duurt een jaar. Het doel van deze pilot is om te onderzoeken hoe de screening van ALD het beste in de huidige neonatale hielprikscreening geïmplementeerd kan worden. De pilotstudie loopt in de provincies Noord-Holland, Flevoland, Utrecht en Gelderland. De pilotstudie zal gericht zijn op uiteindelijk de implementatie van ALD in de nationale hielprikscreening. De naam van de pilotstudie is SCAN-studie (SCreening op ALD in Nederland). Meer informatie is te vinden op www.scanstudie.nl.
Lees hier het nieuwsbericht van Metakids over de start van de pilot op 1 oktober.

Newborn Screening Map showing US states that have included ALD in their newborn screening programFiguur 1: Kaart met de staten in de VS die reeds screenen op ALD bij pasgeborenen (groen), staten die in 2019 zullen beginnen (oranje) en staten die bezig zijn met het treffen van voorbereidingen (blauw).

Criteria voor opname van een ziekte in de hielprikscreening

Er is brede internationale consensus over de criteria waar een ziekte aan moet voldoen om in aanmerking te komen voor opname in de landelijke neonatale hielprikscreening:

Geschiedenis

In 2004 stelde dr. Hugo Moser in een bijeenkomst van de Amerikaanse National Advisory Committee for Newborn Screening voor om ALD toe te voegen aan de RUSP. Het probleem was echter dat er op dat moment nog geen test bestond voor screening op ALD bij pasgeborenen. Om dit probleem op te lossen organiseerde dr. Hugo Moser de benodigde financiële middelen en startte hij een onderzoek in het Kennedy Krieger Institute (Baltimore, MD), met als doel een geschikte biomarker voor ALD te vinden. In 2006 identificeerde het team C26:0-lysofosfatidylcholine (C26:0-LPC) in postnatale veneuze bloedspots van mannelijke pasgeborenen met ALD als bruikbare biomarker (Hubbard et al. 2006). In de daaropvolgende jaren bleven wetenschappers de analyse verbeteren (Hubbard et al. 2009; Theda et al. 2014). Samen met onderzoekers van de Mayo Clinic (Rochester, Minnesota) werd vervolgens een high-throughput-methode ontwikkeld voor de analyse van C26:0-LPC (Haynes and De Jesús 2012; Turgeon et al. 2015). In 2013 werd deze methode gevalideerd met behulp van 100.000 anonieme bloedspots.

Aidan’s Law

De familie Seeger heeft ervoor gezorgd dat in de staat New York gestart werd met het screenen van pasgeborenen op ALD. Dit deden zij ter nagedachtenis aan hun zoon, Aidan, die cerebrale ALD had. Door een te laat gestelde diagnose is Aidan in 2012 overleden aan de gevolgen van cerebrale ALD. Om te voorkomen dat meer families dit leed moesten doormaken is de familie Seeger een uitgebreide lobby gestart. In april 2012 werd in de staat New York een wetsvoorstel ingediend voor het screenen van pasgeborenen op ALD. Deze wet, “Aidan’s Law”, werd in februari 2013 aangenomen. In december 2013 kon dankzij “Aidan’s Law” ALD worden toegevoegd aan de hielprikscreening in de staat New York.

New York State

Tijdens de eerste drie jaar dat in New York State werd gescreend op ALD, zijn meer dan 700.000 pasgeboren kinderen gescreend. Dankzij deze screening op ALD konden 45 baby’s met ALD worden geïdentificeerd: 22 jongens en 23 meisjes. Op basis van deze aantallen kon de incidentie van ALD bij de geboorte worden bepaald op 1 op 15.000.
Wanneer een pasgeborene met ALD wordt geïdentificeerd, wordt de behandelend arts van het gezin op de hoogte gebracht. Het gezin wordt door de behandelend arts doorverwezen naar een klinisch geneticus voor bevestiging van de diagnose. Hierbij wordt ook genetische counseling aangeboden. Een andere dienst die ouders wordt aangeboden is uitgebreide familiescreening naar een risico op ALD.

Het screeningsalgoritme

In de Verenigde Staten wordt in de meeste staten de diagnose ALD gesteld met behulp van een drieledig screeningsalgoritme (Figuur. 2). De eerste test is een high-throughput standaard MS/MS-analyse van C26:0-LPC. Monsters met een verhoogde C26:0-LPC-concentratie gaan vervolgens door naar de tweede stap. De tweede stap bestaat uit analyse van C26:0-LPC door middel van HPLC-MS/MS. Deze test is specifieker, maar duurt ook iets langer dan de eerste stap. De monsters die ook in de tweede stap een verhoogde C26:0-LPC hebben, gaan door naar stap 3. Stap 3 is het stellen van de diagnose ALD door middel van DNA-analyse. Op het DNA wordt specifiek gezocht naar een mutatie in het ABCD1-gen.

Figuur 2: Het drieledige screeningsalgoritme gebruikt in de Verenigde Staten.

Uitdagingen

In verschillende landen zijn er aanzienlijke uitdagingen en voortdurende ethische discussies met betrekking tot de opname van ALD in de neonatale hielprikscreening voor pasgeborenen. De belangrijkste uitdagingen:

Als gevolg van de toevoeging aan het RUSP wordt verwacht dat de komende jaren in een groeiend aantal staten in de VS en ook internationaal gestart zal worden met het screenen van pasgeborenen op ALD. Deze maatregelen zullen de klinische uitkomst van honderden pasgeborenen met ALD, hun biologische verwanten en hun geliefden aanzienlijk verbeteren.

Last modified | 2019-10-09